Home > Website-overzicht > Nierdieet voor de kat

Nierdieet voor de kat

Inhoudsopgave:

  • Wat zijn de ziekteverschijnselen bij een nierpatiënt?
  • Hoe is de diagnose nierfalen te stellen?
  • Wat kunnen we bij nierfalen doen?
  • Hoe is de prognose van nierfalen vast te stellen?
  • Waaraan moet een goed nierdieet voldoen?
  • Wat zijn de kosten van een nierdieet?

Bij de ouder wordende kat is het meest voorkomende probleem de achteruitgang van de nieren. Slijtage van de nieren begint gemiddeld op zesjarige leeftijd. Het is meestal een langzaam proces, dat tot de leeftijd van 10 jaar geen duidelijke verschijnselen geeft. Daarom kan de oorzaak van de ziekte in de meeste gevallen niet meer worden vastgesteld.
Enkele oorzaken van chronisch nierfalen (= chronische nierinsufficiëntie = CRF) zijn leeftijdsgebonden veranderingsprocessen, bacteriële of virale infecties, hoge bloeddruk, immunologische oorzaken, tumoren en gifstoffen (zoals het eten van lelies).
Chronisch nierfalen treft vooral oudere katten. Er zijn echter ook erfelijke vormen die zich al bij jonge katten voordoen.

Het is belangrijk dat nierfalen al in een vroeg stadium wordt opgespoord. Hoe vroeger duidelijk is dat er sprake is van nierfalen, des te sneller er maatregelen genomen kunnen worden om de schade te beperken.
Als de behandeling van chronisch nierfalen tijdig wordt ingezet, zal de kwaliteit van leven van uw dier over langere tijd beter blijven.
Een ouder wordende kat preventief op nierdieet zetten heeft risico's. Lees meer onder het hoofdstuk 'Waaraan moet een goed nierdieet voldoen?'.

Wat zijn de ziekteverschijnselen bij een nierpatiënt?

Als de nieren minder goed werken, worden de afvalstoffen van met name de eiwitstofwisseling onvoldoende uitgescheiden en stapelen deze zich op in het bloed. Ook kunnen de nieren de urine niet meer goed concentreren.

Pas als meer dan 70% van de nierfunctie verloren is gegaan, tonen de katten de onderstaande verschijnselen van de aandoening.

Afhankelijk van de ernst van het nierfalen vertoont de kat één of meerdere van de volgende klachten:

  1. Meer drinken en meer plassen.
  2. Meer slapen.
  3. Vermageren.
  4. Meer of minder of tenslotte helemaal niet meer willen eten.
  5. Bloedarmoede (Bleke slijmvliezen).
  6. Darmverstoppingen.
  7. Braken.
  8. Uitdrogen.
    Dit is eenvoudig te controleren door een huidplooi van de ribwand tussen duim en wijsvinger te nemen en kijk of die bij het loslaten mooi verstrijkt.
  9. Doffe ogen die diep in de kassen liggen.
  10. Een ammoniak lucht (= urinelucht) uit de bek ruiken.
  11. Uit de bek stinken ten gevolge van zweertjes in de bek.
  12. Gedragsveranderingen:
    • Voortdurend uw gezelschap opzoeken en in het laatste stadium zich afzonderen.
    • Zich minder en tenslotte niet meer wassen.

Hoe is de diagnose nierfalen te stellen?

Door bloedonderzoek.
Daarnaast kan onderzoek van de urine belangrijke aanwijzingen geven. Zie hiervoor het onderwerp 'Niercheck voor katten'.

Met echo-onderzoek kan de structuur en de vorm van de nieren bekeken worden, maar dit onderzoek zegt niets over het functioneren van de nieren (= nierfunctie). Dus met echo-onderzoek kan niet de diagnose nierfalen worden gesteld.

Vroeger dachten we dat slijtage van de nieren van de kat bij het normale proces van ouder worden hoorde. Uit onderzoek blijkt echter dat aan deze slijtage van de nieren een hoge bloeddruk ten grondslag kan liggen.
Een hoge bloeddruk kan de oorzaak, maar ook het gevolg van slecht werkende nieren zijn. Bij tenminste één op de vijf katten met chronisch nierfalen is de bloeddruk langdurig te hoog. Gezien de huidige kennis wordt daarom geadviseerd de bloeddruk routinematig te meten bij katten vanaf de leeftijd van 6 à 9 jaar. Zie ook het onderwerp ' Hoge bloeddruk bij de kat'.

Wat kunnen we eraan doen?

Genezing van de nieren is niet mogelijk.
Herstel van de nierfunctie kan alleen door een niertransplantatie en die wordt in Nederland tot op heden nog niet verricht.

  1. Wel kunnen we de nog aanwezige nierfunctie ondersteunen door de kat een nierdieet te geven. Een goed nierdieet zorgt ook dat de hoeveelheid afvalstoffen zo klein mogelijk blijft, waardoor de kat zich beter voelt. Seniorvoer is niet hetzelfde als nierdieet.
  2. Afbeelding van een etende kat.

    Katten zijn over het algemeen zeer kieskeurige eters. Bovendien hebben katten met nierfalen vaak een slechte eetlust. Om de kans op dieetweigering te verminderen:

    • Adviseren wij over een periode van minimaal 1 tot 4 weken het voor de kat gebruikelijke voer geleidelijk te verminderen en gelijktijdig de hoeveelheid nierdieet te verhogen.

    • Hebben wij voor de nierpatiënt in onze kliniek verschillende merken natvoer (= blikvoer en brokjes in saus) en droogvoer, die extra smakelijk zijn. Ook geven wij een voedingsadvies over wat u naast het commerciële nierdieet nog meer kunt voeren aan een kat met nierfalen. Dit advies kunnen wij alleen geven als wij uw kat hebben gezien.

    Naast het geven van een nierdieet bestaat de behandeling van een kat met nierfalen,
    ook nog uit:

  1. het zoeken naar een eventueel behandelbare onderliggende oorzaak
    en
  2. indien nodig het geven van
    • een bloeddrukverlagend middel of
    • een ACE-remmer en/of
    • een kaliumsupplement en/of
    • een fosfaatbinder en/of
    • een middel ter vermindering van de proteïnurie (= eiwitverlies via de urine) bij de kat en/of
    • lactulose (dat de ammoniakconcentratie in het lichaam verlaagt) en/of
    • ijzer en/of feline recombinante EPO-producten (ter verbetering van de bloedarmoede) en/of
    • een eetlust bevorderend medicijn.

    Het doel van bovenstaande medicijnen is
    de nog aanwezige nierfunctie te ondersteunen, de achteruitgang van de nieren te vertragen en de kwaliteit van leven te handhaven/verbeteren.

    Bovenstaande medicijnen zoals een kaliumsupplement, een fosfaatbinder en lactulose zijn zonder recept verkrijbaar. Maar als uw kat deze medicijnen niet nodig heeft, dan werken ze averechts. Bij nierfalen geldt niet het spreekwoord: "Baat het niet dan schaadt het niet". Bovendien kunnen verscheidene van bovenstaande medicijnen een kat met nierfalen juist zieker maken als deze slechter is gaan eten.

    Als een kat helemaal geen nierdieet lust, is er een voedingssupplement dat in het maagdarmkanaal de fosfaten in de voeding bindt en de afvalstoffen absorbeert, waardoor de nieren minder belast worden. Dit voedingssupplement bevat calciumcarbonaat en chitosan.
    Maar als een nierpatiënt slecht eet, raden wij aan geen medicijnen of voedingssupplementen aan het voer toe te voegen. Katten merken chemische veranderingen in hun voedsel namelijk snel op.

Hoe is de prognose vast te stellen?

Voor de prognose is de mate van eiwit (of albumine) -verlies via de urine van belang.
Hoe meer eiwit (of albumine) -verlies via de urine, hoe sneller de achteruitgang van de nieren zal verlopen.

Waaraan moet een goed nierdieet voldoen?

  1. Een verlaagd fosforgehalte helpt het achteruitgaan van de nieren vertragen.
    Nierdieet  bevat per hoeveelheid calorieën voer minder fosfor dan seniorvoer.
    Ook in voedingssupplementen zit vaak fosfor.

  2. Een beperkt eiwitgehalte, zodat de hoeveelheid afvalstoffen (zoals ureum, kreatinine en ammoniak) zo klein mogelijk blijft waardoor nieren ontlast worden en misselijkheid wordt tegen gegaan. De eiwitten moeten wel van hoogwaardige kwaliteit zijn, zodat ze zoveel mogelijk door het lichaam worden opgenomen en gebruikt.

    Beperking van eiwit in de voeding helpt echter niet om het achteruitgaan van de nieren te vertragen. Met het oog op het verminderd vermogen eiwit uit hun voedsel te halen op oudere leeftijd wordt bij gezonde oudere katten eiwitbeperking niet aanbevolen, vanwege het daaraan verbonden risico van een eiwittekort. Dus oudere katten niet preventief op een nierdieet zetten.

  3. Een verhoogde energiedichtheid, waardoor toch voldoende energie wordt opgenomen door de katten met een verminderde eetlust. Want ondervoeding leidt tot afbraak van eigen weefseleiwitten (vooral de spieren) met als gevolg een verhoging van de afvalstoffen in het bloed.

    Bovendien hoeft een kat van een goed energierijk nierdieet veel minder te eten en krijgt daarmee veel minder eiwitten binnen en maakt dus minder afvalstoffen. Het eiwitpercentage van gewoon voer verschilt meestal niet zo veel van een nierdieet. Het nierdieet bevat echter veel meer energie (meestal in de vorm van vet).

    De energiedichtheid van een nierdieet is

    • hoger dan van gewoon voer voor de volwassen kat met een goede nierfunctie en

    • veel hoger dan van seniorvoer.

  4. Een hoger gehalte aan B vitaminen en kalium om het verlies met de urine te compenseren.

  5. Een hoog gehalte aan het eicosapentaeenzuur (= EPA) om de achteruitgang van de nieren bij de kat te vertragen. EPA is een omega-3 vetzuur, dat in visolie zit.

  6. Smakelijk en goed verteerbaar. Het voer moet aantrekkelijk zijn, omdat oudere katten met nierfalen een slechte eetlust hebben. Het dieet moet goed verteerbaar zijn zodat alle opgenomen voedingsstoffen goed benut kunnen worden.

  7. Een matige beperking van het zout draagt bij aan de controle van de bloeddruk, die bij nierpatiënten neigt tot stijging.

    • Bij een te sterke zoutbeperking wordt het renin-angiotensin-aldosteron systeem van de kat geactiveerd, waardoor de bloeddruk van de kat stijgt. Bij een te hoge bloeddruk neemt de nierfunctie sneller af.

    • Extra grote hoeveelheden zout die in de meeste antistruvietdiëten voor de kat ter voorkoming van blaasgruis worden toegevoegd, dragen ook bij tot een stijging van de bloeddruk.

  8. Het dieet moet een licht basische urine pH geven, omdat de uitscheiding van zuren bij nierpatiënten is verminderd.
    Daarom is een dieet met een extra zurende werking zoals de antistruvietdiëten uit den boze.

Belangrijk is van de hoeveelheid nierdieet natvoer en droogvoer niet meer te geven dan op de verpakking voor zijn/haar lichaamsgewicht staat voorgeschreven, anders krijgt de kat teveel fosfor en eiwitten binnen.

Naast het commercieel verkrijgbare nierdieet kunnen ook bepaalde extraatjes in kleine hoeveelheden aan de kat worden gegeven. Voor meer informatie kunt u een afspraak maken.

Er zijn verschillende merken nierdieet natvoer en droogvoer verkrijgbaar, onder andere:
Het VETERINARY HPM nierdieet droogvoer voor de kat met een laag fosfor gehalte en een beperkt eiwitgehalte. Het bijzondere van dit dieet is dat het eiwitgehalte voor 72% van dierlijke oorsprong is. Het resultaat is dat dit voer perfect aansluit bij de behoefte en smaak van de kat. Tevens is dit voer laag in allergenen, want het bevat geen mais, tarwe, gluten, soya, ei of rundvlees.
Onze ervaring is dat door het hoge percentage dierlijke eiwitten katten VETERINARY HPM droogvoer zeer smakelijk vinden.
U kunt bij ons een gratis proefzakje ophalen om te kijken of uw kat het lekker vindt.
Dierenkliniek Wagenaar heeft spaarkaarten van 6 + 1, dus de 7de zak is gratis.
De prijzen kunt u vinden op onze pagina 'VETERINARY HPM droogvoer'.

Tip:
Om besmetting van droogvoer met de voermijt tegen te gaan, dient een zak bewaard te worden in een droge ruimte en in een hermetisch af te sluiten container. Zorg dat er geen kussens of kleden in de buurt van de voercontainer liggen. Een geopende zak met droogvoer moet binnen 3 maanden leeg zijn.

Tip:
Een SureFeed is een etensbak die aangestuurd wordt door de chip van de kat. Ideaal voor katten die dieetvoer krijgen en met meerdere katten in huis leven. Het klepje van de etensbak gaat open wanneer de identificatiechip van de kat wordt herkend en sluit wanneer de kat wegloopt bij de voerbak. Katten kunnen gedurende de dag ongestoord kleine hoeveelheden voer eten, zonder dat hun voer besmet raakt of door andere dieren wordt opgegeten.

 

                           K.v.K.: 27355332   |   Disclaimer